dinsdag 25 november 2014

Haaienvinnensoep zonder haai van kip



Van soep word ik altijd blij. Welke soep het ook is, je kunt mij er´s nachts wakker voor maken. En als je soep aan het maken bent ruikt het ook altijd heerlijk in huis. 
Want soep maak ik wel altijd zelf. Dat heeft drie redenen, ten eerste zijn soepen uit pak of blik veel te zout, ten tweede zijn ze vaak niet glutenvrij en ten derde is zelfgemaakte soep gewoon veel lekkerder. O, en ik vind het ook nog eens heel leuk om te doen natuurlijk. 
Zondag wilde ik eens haaienvinnensoep maken. Die had T. laatst bij de Chinees gegeten en toen had ik er al zin in maar gezien het zoutgehalte toch maar niet genomen. Dus zelf aan de slag. 
Ik maak, en trouwens de Chinees hier ook, de haaienvinnensoep zonder haaienvinnen. Die moet je er niet eens in willen vind ik want de vissers in China snijden de vissen van de haaien terwijl ze nog leven en kiepen de haaien dan weer terug het water in waar ze alsnog het loodje leggen natuurlijk. Dat gaat me toch echt te ver. Ik ben niet tegen het eten van dieren maar het onnodig kwellen van beesten vind ik nu ook weer niet nodig. Kip is dus de basis van deze soep en het wordt gebonden met maizena of aardappelzetmeel om een beetje het geleiachtige te krijgen dat anders van de haaienvinnen af komt. 
Het is echt een heel simpele soep om te maken. Ik heb zelf kippenbouillon getrokken maar je kunt natuurlijk ook kippenbouillon van tabletten gebruiken als je niet op zout hoeft te letten. 
Dit heb ik gebruikt voor ca. 2 liter soep:

ongeveer 200 gram kipfilet
een flink stuk gember (ik had een dik stuk van 5 cm)
ongeveer 1,5 liter kippenbouillon
1 theelepel sesamolie
1/2-1 eetlepel vissaus
1/2 eetlepel glutenvrije oestersaus (de enige die ik gv kan vinden is die van Lee Kum Kee, te koop bij de toko)
1 prei
1 ei
peper naar smaak
maizena of aardappelzetmeel

Schil het stuk gember en snijd het een keer doormidden. Doe de stukken gember in de kippenbouillon, voeg de kipfilet toe en kook die in ongeveer 30 minuten goed gaar. Haal de filet er dan uit en pluis de filet vervolgens helemaal in kleine draadjes. Was de prei en snijd de steel in piepkleine stukjes. Ik heb de donkergroene stukken niet gebruikt, die zijn in de nasi verdwenen. 
Voeg de sesamolie, vissaus, oestersaus en peper aan de bouillon toe. Proef de bouillon en voeg evt. nog een van de ingrediënten toe totdat de bouillon lekker op smaak is. 
Bind de soep vervolgens met aangemaakte maizena of aardappelzetmeel, ik heb 3 eetlepels maizena gebruikt en 2 eetlepels water. Klop in een kommetje het ei los en schenk dit dan langzaam al kloppend in de pan bouillon. Voeg de kip toe en op het laatst de fijngesneden prei. 

Deze soep is heerlijk als voorgerecht maar ook als zomaar een kopje tussendoor na het klussen was het erg lekker. 





woensdag 5 november 2014

Glutenvrije wraps van rijstemeel



Ik heb al diverse recepten om zelf wraps te maken op mijn blog staan, klik hier en hier, maar ik vind het leuk om telkens weer andere te maken.
Dit keer was de basis rijstemeel, aangevuld met tapiocameel. Om het geheel minder droog en kruimelig te maken heb ik wat Fiberhusk toegevoegd, dat is vlozaad. Dit vlozaad absorbeert wel flink wat vocht dus heb ik naar verhouding wat meer water toegevoegd dan je misschien zou verwachten.
Het droog wordt een mooie bal maar het uitrollen is lastig omdat het deeg snel blijft plakken aan de deegroller. Daarom rol ik het uit tussen 2 stukken bakpapier. Op deze manier kun je het ook best dun maken. Het volgende probleem is dan echter om de wrap van je bakpapier in je pan te krijgen.
Het bleef maar scheuren terwijl ik dat probeerde en op het laatst was ik zo nijdig dat ik het ding met bakpapier en al in de pan heb gemikt. Dat was een prima vondst, al zeg ik het zelf, want toen de ene kant eenmaal gebakken was en ik de tortilla omdraaide kon ik het papier er zo aftrekken.

Goed voor 4 wraps heb ik het volgende gebruikt:

135 gram rijstemeel
65 gram ketanmeel (kleefrijstmeel)
65 gram tapiocazetmeel
1 theelepel Fiberhusk
1 theelepel bakpoeder
1 theelepel zout
2 eetlepels olijfolie
ca. 200 ml water

Meng eerst de droge ingrediënten door elkaar en doe er dan de olijfolie bij. Voeg dan geleidelijk aan het water toe terwijl je het deeg doorkneedt. Het is moeilijk te zeggen of je precies 200 ml nodig hebt, het deeg moet soepel aanvoelen en niet brokkelen. Maak er een mooie bal van en verdeel deze in 4 stukken.



Maak een bal van 1 stuk deeg. Leg dat op een stuk bakpapier en leg er een tweede vel bakpapier bovenop. Rol het vervolgens dun uit.



Trek het bovenste vel bakpapier eraf en leg de wrap met de onderste laag bakpapier er nog aan in een anti aanbak koekenpan.



De foto is niet helemaal scherp maar jullie krijgen in ieder geval een idee zo.
Bak de wrap zo een paar minuten en draai hem dan om.
Nu kun je het vel bakpapier er vrij gemakkelijk aftrekken.
Bak nu ook de andere kant.



Herhaal dit met de andere drie stukken deeg.



Deze wraps zijn goed te rollen zolang ze nog warm zijn. Desnoods kun je ze even en paar seconden in de magnetron doen als ze wat afgekoeld zijn. Als ik een grotere hoeveelheid maak dan hou ik de wraps warm door een bord op een pan met kokend water te zetten en ze daar dan op te leggen. Ik leg er dan wel nog een grote deksel bovenop.








Jambalaya




Zoals gewoonlijk loop ik erg achter met mijn web-log. Ik ga proberen om er eens snel wat dingen op te zetten die we in de afgelopen weken gegeten hebben.

Ik dacht dat ik al eens eerder een recept voor jambalya op dit blog had gezet maar ik kan het nergens vinden dus dan wordt het de hoogste tijd want jambalaya is heel erg lekker.
In dit recept gebruik ik cajunkruiden, ik meng het altijd zelf (klik hier voor het recept) maar je kunt natuurlijk ook kant en klare cajunkruiden kopen.
In dit recept gebruik je bij voorkeur langkorrelrijst, geen risotto- of paellarijst want dat wordt te vochtig. Op de foto zie je dat ik een gele paprika heb gebruikt, die had ik nog liggen toen, maar meestal doe ik er een groene en een rode in.

Voor 4 personen heb ik het volgende gebruikt:

250 gram kippendijvlees
1 kruidenbuiktje voor kip
een flink stuk chorizo
100 gram gekookte ham, dikke plak of blokjes
24 grote garnalen, rauw maar wel gepeld
1 groene en 1 rode paprika (of een gele dus..)
1-2 stelen bleekselderij
1 ui
3 teentjes knoflook
1 blikje tomatenblokjes
1 eetlepel cajunkruiden of naar smaak
1 blikje kippenpocheervocht (dit wordt verder in het recept toegelicht)
evt. tomatenpuree en wat extra water
300 gram langkorrelrijst

Pocheer de kip in een pannetje met niet al teveel water waar je een kruidenbuiltje voor kip in hebt gedaan. Zodra de kip gaar is haal je de stukken eruit en snijd ze in kleine blokjes. Bewaar het vocht.
Pel en snipper de ui. Snijd de paprika´s in vieren, verwijder de zaadlijsten en snijd ze daarna in niet te kleine stukjes. Haal eventueel de draden van de stengel(s) bleekselderij en snijd ze in kleine blokjes. Snijd de chorizo en de ham in blokjes.

Bak de chorizo uit in een pan, eventueel wat olijfolie toevoegen maar zeker niet teveel. Voeg dan de ui, paprika, knoflook en bleekselderij toe en laat het een paar minuten bakken. wel steeds doorroeren.
Strooi de cajunkruiden erover en voeg de inhoud van het blik tomatenblokjes toe en evenveel kippenpocheervocht, ik gebruik het lege blikje van de tomatenblokjes om het af te meten.
Doe nu de rijst erbij en roer het geheel goed door. Doe een deksel op de pan en laat het ongeveer 10 tot 15 minuten op een zeer laag pitje pruttelen. Af en toe even doorroeren en zo nodig wat wat of pocheervocht toevoegen.
Nu mogen de garnalen en de blokjes ham erbij. Laat het geheel nog een paar minuten doorsudderen tot de garnalen gaar zijn.
Proef de jambalaya en maak op smaak af met wat (cayenne)peper en/of wat tomatenpuree.










Varkensvlees met boontjes op Oosterse wijze



Vandaag eten we varkensvlees met boontjes. En dan niet met aardappels erbij maar samen in één pan en met rijst. Het is een gerecht dat wij al tientallen jaren bereiden maar ik weet werkelijk niet meer hoe we aan het recept gekomen zijn. Mijn moeder? Uit een boek? Zelf verzonnen? Geen flauw idee.
In de loop van de jaren is er wel wat aan het recept versleuteld, zo gaat dat met recepten, maar inmiddels maak ik het al een tijdje op de manier zoals hieronder beschreven.
Ik gebruik meestal varkenslappen maar natuurlijk kan je ook kip gebruiken als je geen varkensvlees eet. ik zou dan wel voor kippendijvlees gaan of stukken kip met bot en geen kipfilet. Kipfilet vind ik snel droog worden en dat zou jammer zijn. Als ik kipfilet zou gebruiken zou ik de boontjes vooraf koken zodat het niet zo lang hoeft op te staan.
Heb je geen tijd of zin om sperziebonen schoon te maken gebruik dan bonen uit een pot. Voeg die dan pas vlak voor het serveren toe, anders koken ze kapot.

Goed, voor 4 personen gebruik ik het volgende:

400-500 gram varkenslappen
400-500 gram sperzieboontjes
1 ui
2 teentjes knoflook
1-2 theelepels trassi
1 (flinke) theelepel ketoembar
1 (flinke) theelepel djinten
1-2 theelepels gedroogde basilicum
sambal oelek naar smaak
1-2 eetlepels gv ketjap
1 klein blikje tomatenpuree
1 theelepel goela djawa of bruine suiker
peper naar smaak
evt. maizena

Haal de sperzieboontjes af en breek ze in stukken. Pel en snipper de ui.
Snijd de varkenslapjes in dobbelstenen.
Fruit de ui, knoflook, trassi en sambal in wat olie. Bestrooi het vlees met de ketoembar en de djinten. Zodra de ui zacht is voeg je het vlees toe en laat het een paar minuten meebakken.
Doe nu de boontjes erbij, de ketjap, tomatenpuree, bruine suiker, basilicum en ongeveer 3 dl. heet water.
Laat dit ca. 20-25 minuten pruttelen totdat de bonen en het vlees gaar zijn.
Maak op smaak af met zout ene peper en bind het eventueel met wat aangemaakte maizena.

zaterdag 1 november 2014

Glutenvrije vissticks





Wat een heerlijk weer is het vandaag. Meer dan 21 graden was het hier en dat in november. Nog lang geen stamppottenweer dus, vandaag eten we een zomerse hap.
Zoonlief wil graag gebakken aardappels, dus die heb ik al geschild, gekookt en in plakken gesneden. De vraag was natuurlijk wat we er dan bij zouden eten. T. wist het, hij wilde vissticks! En als je coeliakie hebt en glutenvrij moet eten betekent dat zelf maken. Nu is dat helemaal niet erg want het is best wel gemakkelijk om te doen, redelijk snel klaar en zonder meer veel lekkerder dan de (glutenvolle) vissticks die je in de winkel koopt.
En als ik ze maak dan maak ik er meteen een heel stel want je kunt ze heel gemakkelijk invriezen en later hoef je ze dan alleen maar te bakken. Want vandaag eten we ze bij de warme maaltijd maar ze zijn ook heerlijk op een boterham als lunch.

Wat heb ik gebruikt voor 12 flinke vissticks?

600 gram diepvrieskabeljauwfilet (Let op dat je een blok vis koopt, dus niet los gevroren, het moeten van die geperste moten zijn die je mooi in rechte blokken kunt snijden. Ik had kabeljauwfilet van Jumbo, in zo´n pak zitten 4 stukken van elk 100 gram. Ik gebruikte 6 van die stukken.)
peper naar smaak
2-3 eieren
glutenvrij paneermeel (ik gebruikte dit keer fijngemalen cornflakes van Peaks Free From)

Laat de blokken kabeljauw een heel klein beetje ontdooien, en snijd ze dan met een broodmes of zo in de lengte doormidden. Zeker niet helemaal laten ontdooien, het is maar dat je er met je mes doorheen kunt zagen, want ze worden later weer ingevroren.
Klop de eieren in een diep bord los met wat peper. Doe het paneermeel in een ander diep bord.


Leg een stuk vis in het geklopte ei en draai het rond zodat het helemaal met ei bedekt is. Vervolgens leg je het in het bord met paneermeel en rol je het om zodat overal paneermeel komt. (Vergeet de uiteinden niet..)
In principe is het nu al klaar, je kunt nog een tweede keer paneren zodat de paneerlaag iets dikker wordt. Dat hangt helemaal van je eigen smaak af.
Doe de vissticks in een diepvriesbakje, eventueel gescheiden door een stukje bakpapier als je moet stapelen, en zet ze in de vriezer. Hierboven een foto van de ongebakken vissticks.

Om ze te bereiden bak je de bevroren vissticks ongeveer 10 tot 15 minuten in wat boter of olie tot ze gaar zijn. Keer ze regelmatig om.



Wij eten er straks gebakken aardappels bij en een lekkere salade.






dinsdag 30 september 2014

Sin chao mihoen oftewel mihoen Singapore




T. en ik zijn allebei dol op mihoen Singapore. We kochten dat in onze verkeringstijd al regelmatig bij de Chinees, mits onze portemonnee het toeliet, en ook later bleef het een favoriet gerecht. Toen bij T. coeliakie werd vastgesteld konden we het helaas niet meer halen. In het vlees dat in het gerecht wordt verwerkt zit hoisinsaus en glutenvrije hoisinsaus moet je met een lantaarntje zoeken. Eigenlijk is alle hoisinsaus die op de markt is niet glutenvrij, er zit overal tarwemeel in. Een enkele keer vind ik ineens een merk dat wel kan en dan sla ik daar meteen wat potten van in maar omdat het assortiment bij de verschillende toko´s hier nogal wisselt moet ik telkens weer opnieuw zoeken.
Momenteel heb ik niets meer staan maar ik wilde toch heel graag mihoen Singapore eten compleet met cha siu vlees. Normaal gesproken maak ik de marinade voor dat vlees met oa. hoisinsaus en honing. Wat ik tegenwoordig als alternatief gebruik is een zakje saus van Amoy, Mix & wok zwartebonensaus. Dat lijkt wel op hoisinsaus en is glutenvrij. Nu zit daar al suiker in en dus laat ik de honing dan weg.
Ik gebruik meestal mager varkensvlees voor cha siu maar de Chinees gebruikt er het liefste vrij vet vlees voor, buikspek of een schouderstuk. Als je geen varkensvlees eet dan kun je natuurlijk ook kippenvlees gebruiken, ik zou dan zelf voor kippendijvlees gaan. Dat wordt minder snel droog dan kipfilet en ik vind er meer smaak aan zitten. Als je het vegetarisch wilt dan kun je het vlees en de garnaaltjes gewoon helemaal weglaten en bij voorbeeld wat meer champignons gebruiken.

Het is een vrij bewerkelijk gerecht, veel snijwerk en je moet het vlees vooraf in de marinade zetten.
Meestal maak ik een grote pan zodat we er twee dagen van kunnen eten.
De hoeveelheden hieronder zijn dan ook voor 4 (grote) eters.


300 gram varkensvlees naar keuze
1 zakje Amoy, Mix & wok zwartebonensaus
1-2 eetlepels witte rijstazijn
1 eetlepel gv oestersaus
1 theelepel steranijspoeder (je kunt ook Chinees 5-kruidenpoeder nemen)
1 theelepel rode kleurstof (optioneel)

óf

300 gram varkensvlees naar keuze
1 eetlepel honing
1 eetlepel gv oestersaus
1 eetlepel gv hoisinsaus (indien niet te koop maar gewoon weglaten)
1 eetlepel gv ketjap
1 eetlepel gv sojasaus
1 eetlepel Chinese rijstwijn
1 theelepel rode kleurstof (optioneel)

1 bosje lenteui
ca. 150 gram peultjes
half bakje champignons
5 worteltjes
1 gele paprika
Spaanse peper naar smaak
gv oestersaus
gv sojasaus
1-2 theelepels sesamolie
kerriepoeder naar smaak (ik gebruikte bijna 3 volle eetlepels garam massala)
knoflook (ik gebruikte 5 teentjes)
gember (ik had een stuk van zeker 5 cm)

1 pak mihoen (250 gram)
2 eieren
200 gram taugé
200 gram garnaaltjes
olie om mee te wokken

Roer alles voor de marinade van het cha siu vlees door elkaar. Snijd het vlees in de lengte in repen en leg die in de marinade. Laat het een paar uur intrekken. Wel een paar keer omdraaien.
Om de mihoen mooi los te krijgen en zo te kunnen bakken dat het geen natte bende wordt moet je de aanwijzingen op de verpakking van de mihoen gewoon negeren. Dus niet in heet water koken of wellen want dan krijg je plakkerige mihoen en dat wil je niet. De mihoen moet wel voorgeweekt worden maar dat gebeurt in KOUD water. Zorg dat de mihoen onderstaat en laat het een half uur staan. Doe de mihoen vervolgens over in een vergiet en laat het heel goed uitlekken. Je hebt nu hele mooie losse sliertjes die straks prima bakken en dan zo gaar zijn.
Snijd de paprika, worteltjes en peultjes in smalle reepjes en de lenteuien in schuine ringetjes.
Schil het stuk gember en hak het fijn, pel de knoflooktenen en hak fijn. Ik hou de de verhouding knoflook:gember op 1:1 dus de hoopjes gehakte gember en knoflook moeten even groot zijn.
Hoeveel je gebruikt hangt af van je eigen smaak. Net zoals de Spaanse peper. T. kan niet zo goed meer tegen scherp eten en dus heb ik vandaag maar een halve gebruikt. Hak de Spaanse peper ook fijn.
Kluts 2 eitjes en bak daar in een koekenpan in wat olie of boter een dun omeletje van en snijd dat in reepjes.
Haal een uur voordat je wilt gaan eten het vlees uit de koelkast zodat het een beetje op kamertemperatuur kan komen. Anders koelt de olie te sterk af zodra je gaat wokken. Snijd het vlees in kleinere stukken. Laat de marinade gewoon op het vlees zitten, je hoeft het er niet af te vegen.
Zet je wok op hoog vuur en laat de pan heel erg heet worden. Doe een flinke eetlepel olie in de wok en leg er voorzichtig de stukjes vlees in. Roerbak ze een paar minuten en schep ze vervolgens met een schuimspaan uit de pan op een bord of zo. Verhit de wok opnieuw, eventueel kun je iets olie toevoegen, en doe dan de gehakte gember, knoflook en Spaanse peper in de pan. Laat een halve minuut bakken en voeg dan de lenteui, paprika, peultjes en wortel toe. Bak deze een paar minuten mee terwijl je constant alles blijft omscheppen. Vervolgens kunnen de champignons erbij, deze bak je een minuutje mee, en dan de taugé. Voeg nu een scheutje gv sojasaus toe, een eetlepel oestersaus, de sesamolie en de kerrie Schep het geheel nog een keer om en voeg dan de mihoen toe.
Schep het geheel telkens om totdat alles goed verdeeld is. Dit is altijd wat lastig om te doen vind ik maar met wat geduld kom je er wel. Op het laatst mogen de garnaaltjes en de stukjes omelet erbij en ook de achtergehouden stukjes vlees. Schep het allemaal nog eens goed om en klaar is je mihoen Singapore!


donderdag 25 september 2014

Aardappelpreisoep




Vandaag heb ik aardappelpreisoep gemaakt. We hebben onze zoon een paar dagen te logeren, manlief is aan het verbouwen en dan is hulp altijd welkom natuurlijk.
Mijn hele huiskamer staat op zijn kop. Overal liggen gereedschappen, tafels staan niet op hun plaats en zijn trouwens onherkenbaar vanwege opgestapelde stukken hout en nog veel meer gereedschap en van de ene kant naar de andere kant van de kamer kom je alleen als je de slalom goed beheerst.
Ik kan daar zelf niet veel mee helpen maat ik heb het druk met andere dingen. Dingen die manlief gewoonlijk voor mij doet doe ik nu zelf. Dat is niet erg maar wel vermoeiend. En dat betekent dat ik het me met het eten een beetje gemakkelijk maak.
En omdat ik van de generatie ben die opgegroeid is met een grote pan soep op zaterdag heb ik dat vandaag ook maar eens gedaan. Aardappelpreisoep dus.
Heel gemakkelijk om te maken en erg lekker. Vegetarisch, wij strooien er lekker geraspte kaas overheen maar mocht je per se vlees willen eten dan zou je er ook uitgebakken spekjes overheen kunnen doen.

Ik heb het volgende gebruikt:
2 grote preien
5 grote aardappels
1 ui
2 teentjes knoflook of naar smaak
1 gele paprika
groentebouillon (ik denk dat het iets meer dan een liter was, ik had nog een bakje in de vriezer staan)
1 laurierblad
peper naar smaak
een mespuntje cayennepeper

Snijd de prei in halve ringen en was zorgvuldig zodat al het zand weg is. Schil de aardappels en snijd in niet al te grote stukken. Was de paprika, haal de zaadlijsten eruit en snijd vervolgens de paprika in stukjes. Pel en snipper de ui grof.
Fruit de ui en de knoflook in wat olijfolie. Voeg de stukjes aardappel toe en laat even meebakken. Doe dan de prei erbij en laat die ook meebakken totdat het begint te slinken. Giet vervolgens de bouillon erbij, je kunt ook water en bouillonblokken gebruiken, totdat de groente onderstaat. Doe het laurierblad erbij en laat de soep, met het deksel op de pan, zachtjes doorkoken tot de groente gaar is. Schep er dan met een schuimspaan ongeveer 1/3 van de groente uit en zet dat even apart. Doe de stukjes paprika in de pan en laat de soep nog een minuutje doorkoken. Pureer de soep en maak op smaak af met peper en cayennepeper. Doe nu de achtergehouden groente weer in de pan en warm de soep nog even door.
Serveren met geraspte (oude) kaas.