zondag 14 maart 2010

Jachtschotel met rode kool





Gisteren hebben we jachtschotel met rode kool gegeten. Daar ben ik helemaal verzot op maar omdat het vrij veel werk is maak ik het niet zo vaak. Als ik het maak dan is het altijd in het weekend, gewoon omdat ik dan meer tijd heb. Maar de afgelopen weken zijn ook de weekends behoorlijk druk en ik had inmidddels toch wel heel veel zin in jachtschotel gekregen en dus heb ik vrijdagavond al het vlees klaargemaakt zodat ik zaterdag minder werk had. Voor het gemak heb ik deze keer kant en klare rode kool met appel gekocht. Bij onze supermarkt lagen zakken van Kramer & Zonen, merk Krautboy. Nu ken ik dat merk eigenlijk alleen maar van de zuurkool en daarom heb ik het gewoon maar eens geprobeerd. Ik moet zeggen dat het prima smaakte. Niet zo miersig zoet gelukkig, gewoon lekker. Zaterdag heb ik dus eigenlijk alleen nog maar de aardappelpuree hoeven maken en dat was zo gebeurd. Het was ouderwets lekker.

Voor 4 flinke eters heb je het volgende nodig:

500-600 gram sukadelappen (of magere riblappen)
2 uien
3 eetlepels zilveruitjes
2 1/2 dl rode wijn
peper
1-2 eetlepels koekkruiden
2-3 laurierblaadjes
5 kruidnagels
7 jeneverbessen
eventueel maizena
2 zakken van 500 gram rode kool met appel
iets meer dan een kilo aardappels
2-2 1/2 dl melk
nootmuskaat
margarine
glutenvrij paneermeel

Snijd het vlees in dobbelstenen. Pel en snipper de uien. Kneus de jeneverbessen of snijd ze met de punt van een mesje voorzichtig in. Verwarm de wijn even bv. in de magnetron. Bak het vlees in porties in hete margarine of olie rondom bruin. Voeg dan de ui toe en laat die ook even kleuren. Voeg nu de zilveruitjes, peper, koekkruiden, laurierblaadjes, kruidnagels en jeneverbessen toe. De laurierblaadjes breek ik meestal in stukken en doe die samen met de kruidnagels en de jeneverbessen in een groot thee-ei dat ik in de pan hang. Dat scheelt aan het eind veel speur- en viswerk. Roer het goed door en giet de warme wijn erover. Laat nu met de deksel op de pan op zeer laag vuur zeker 3 uur stoven. Schil ondertussen de aardappels en kook ze gaar. Giet ze af. Verwarm de melk even bv. in de magnetron. Stamp de aardappels met een pureestamper en roer er de warme melk en een klontje margarine door. Breng de puree op smaak met nootmuskaat. Verwarm de oven voor op 220 graden.
Als het vlees gaar is verwijder dan de kruidnagels, jeneverbessen en de laurierblaadjes (of het thee-ei). Bind het vocht eventueel met wat aangemaakte maizena, het moet niet te dun zijn. Doe nu het vlees en het stoofvocht over in een ovenschaal en bedek het met een laag rode kool, daarop komt de aardappelpuree. Strooi er wat glutenvrij paneermeel overheen en leg er wat klontjes margarine op. Bak het gerecht in ca. 30-45 minuten mooi goudbruin.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen