donderdag 1 mei 2014

Foodblogswap: Pittige kipspiezen met limoen, honing en knoflook




Zoals beloofd ook nog even de kipspiezen van Dewi Kookt. Lekker waren ze maar echt heel pittig waren ze niet. Nu had ik geen chilivlokken want T. kan er niet zo goed meer tegen maar ik had wel extra chilisaus gebruikt. In ieder geval vonden we ze zeker de moeite waard om nog eens te maken.

Voor ons samen heb ik het volgende gebruikt:

200 gram kipfilet

marinade:
1 eetlepel honing
1 eetlepel limoensap
2 teentjes knoflook
1/2 eetlepel olijfolie
1 1/2 eetlepel gv sojasaus (ik gebruik Kikkoman glutenfree soysauce)
1 eetlepel chilisaus

Roer eerst de ingrediënten voor de marinade door elkaar. Snijd de kipfilet in niet te kleine stukken en leg ze in de marinade. Laat een paar uur intrekken.
Rijg de stukjes kip aan metalen spiezen en rooster ze op de barbecue of in een grillpan mooi bruin en gaar.
Dewi strooit er nog wat gehakte koriander over maar daar zijn we niet dol op. Raar eigenlijk want korianderpoeder gebruik ik heel veel.

woensdag 30 april 2014

Product: Glutenvrije worcestershiresauce van Bull-Dog



Als je net coeliakie hebt en je moet glutenvrij eten dan kom je tot de ontdekking dat gluten in de meest rare producten zit. Brood, pasta en koekjes snappen we allemaal wel, dat is overduidelijk maar dat er bij voorbeeld in worst, fritessaus, snoepjes en chips ook gluten kan zitten was voor mij volkomen nieuw in het begin.
Inmiddels zijn we ruim 30 jaar verder en hebben we voor alles wel een oplossing gevonden. Veel zelf maken, veel vers koken, want in pakjes en zakjes wordt én veel zout maar ook veel gluten gebruikt.
En tegenwoordig is de hoeveelheid glutenvrije producten vele malen groter dan toen T. begon meost beginnen met zijn dieet.
Alleen glutenvrije worcestershiresauce had ik nog nooit gezien. In alle merken worcestershiresauce zit gerstemoutextract verwerkt dus dat is niet geschikt voor T.
Nu was ik laatst in de toko, het walhalla voor mensen met coeliakie, en daar zag ik in het rek met Japanse producten ook ineens worcestershiresauce staan. Toch voor alle zekerheid maar eens goed het etiket bestudeerd en het bleek glutenvrij te zijn!
Ik heb een fles gekocht en inmiddels in gebruik genomen en het bevalt me goed. de saus smaakt prima en voegt vaak nét even wat extra´s toe aan een smeerseltje of een sausje. Het bevat iets andere ingrediënten dan de klassieke Engelse worcestershiresauce zoals bv. pruimenpasta wat een typisch Japans ingrediënt is maar de smaak is er niet minder om. Het is verder wel even dik (of dun, het is maar hoe je het bekijkt) en heeft dezelfde kleur als de originele Engelse uitvoering.
Het merk is Bull-Dog, het komt uit Japan, in de fles zit 300 ml en het EAN is 49753233.
Voor de volledigheid zal ik hieronder even de ingrediënten vermelden. Ze staan er in het Engels op en de importeur heeft ook nog een sticker met de Nederlandse vertaling op de fles geplakt:
Water, suiker, zout, gedestilleerde azijn (gemaakt van alcohol), appelsap, tomatenpuree, uien, gistextract (bevat soja), azijn (gemaakt van witte wijn), specerijen, pruimen pasta, citroensap, wortelen, gedroogde sardientjes extract.
Helaas weet ik niet meer wat ik ervoor betaald heb, ik meen ongeveer drie Euro.




zaterdag 26 april 2014

Foodblogswap: Mexicaanse rib-eye steak




Ook deze maand is er weer een foodblogswap. Dat wordt georganiseerd voor en door foodbloggers waarbij je iemands foodblog toegewezen krijgt en daar vervolgens een recept kiest en bereidt. De bedoeling is onder andere om eens uit je comfort zone te komen en een keer iets heel anders dan anders te maken.
Deze maand kreeg ik de weblog van Dewi toegewezen, Dewi Kookt. Ik zag al meteen dat er geen sprake is van uit mijn comfort zone komen want Dewi kookt helemaal volgens mijn stijl. Dat riep meteen wel weer een probleem op want wat moest ik in hemelsnaam kiezen? Het leek me werkelijk allemaal even lekker.
Dus het werd kiezen, twijfelen, verwerpen, iets anders kiezen, weer iets anders kiezen en ineens was het einde van de maand daar.
Maar tegelijkertijd was daar ook onze nieuwe barbecue en toen werd de keus ineens een stuk eenvoudiger.
Het moest de Mexicaanse T-bone steak worden of de pittige kipspiezen.
En omdat ik daar weer niet uit kon kiezen heb ik ze toen maar allebei klaar gemaakt.
Hieronder het verhaal over de steak, straks in een ander bericht de kipspiezen.
Ik kon geen T-bone steak naar mijn zin vinden en daarom heb ik 2 mooie rib-eye steaks gebruikt.
Het recept is van Dewi, ik heb alleen wat limoensap aan de marinade toegevoegd. Ik miste een zuurtje en daardoor worden de steaks ook extra mals. Verder heb ik nooit tabasco in huis en daarom heb ik een mespuntje sambal oelek gebruikt.

Goed, wat heb ik gebruikt voor 2 personen:

2 rib-eye steaks

marinade:
2 theelepels cayennepeper
2 theelepels paprikapoeder
2 theelepels djinten
1 1/2 theelepels kaneel
3 teentjes knoflook, fijn gehakt of geperst
sap van een halve limoen
2 el olijfolie
mespuntje sambal oelek

Roer de ingrediënten voor de marinade door elkaar. Leg de steaks erin en laat een paar uur in de koelkast marineren. Haal het vlees ongeveer een half uur voordat het op de barbecue gaat uit de koelkast en laat het op kamertemperatuur komen. Ik heb dat gedaan op het moment dat T. de barbecue aanstak.
Zodra de barbecue op de juiste temperatuur is leg je de steaks op het rooster, ca, 3 tot 4 minuten op elke kant. Dat is afhankelijk van de dikte en hoe doorbakken je de steak wilt hebben.
Haal de steaks van het rooster, verpak ze in alufolie en laat ze een paar minuten rusten.
Ik had er, net als Dewi, tomatenrijst bij gemaakt en een Mexicaanse salade. Het was heerlijk!



zondag 6 april 2014

Okonomiyaki




Dit is weer een ideaal recept voor als je eens niet zoveel tijd hebt om te koken. Okonomiyaki is een Japans fastfoodgerecht. Zoals men hier naar de snackbar gaat wipt men daar een okonomiyakitent binnen.
Ik vind het eerlijk gezegd een best wel gezonde hap. Over de saus en de mayonaise die bovenop gaat valt nog te twisten maar voor de rest valt het wel mee. Dat is in ieder geval wat ik mezelf graag voorhoud want ik vind het superlekker en we eten het dan ook regelmatig.
Okonimiyaki bestaat uit 2 woorden, okonomi en yaki. Okonomi betekent favoriet en yaki betekent gegrilld.
Het is een soort kruising tussen een omelet en een pannenkoek die je op een grillplaat bakt maar mocht je die niet hebben dan volstaat een koekenpan natuurlijk ook.
Je kunt erin doen wat je wilt (je favoriete dingen dus) maar de basis is witte kool in een papje van wat bloem, ei, dashi (tonijn/kelpbouillon) en yamaimo. Dat laatste is een zetmeelhoudende wortelsoort die als je er een stuk van raspt een een soort behangselplak vormt. Die behangselplak gebruik je dan in het beslag.
Ik gebruik in plaats daarvan wat tapiocazetmeel of kweemeel (meel van mungbonen). Meestal heb ik dat wel in huis en die wortel gebruik ik verder helemaal nergens in dus dat koop ik niet echt vaak. Nu heb ik me pas laten vertellen dat je het ook kan invriezen dus misschien probeer ik dat de volgende keer wel eens. Maar je zou bv. ook maizena kunnen gebruiken.
Voor wat betreft de vulling, zoals gezegd hoort er in ieder geval kool in en ik doe er dan taugé en bosuitjes bij. Er zijn streken in Japan waar ze er noedels in doen maar dat trekt me helemaal niet. Ik gebruik alleen garnalen maar je zou bv. ook van die Chinese varkensworstjes (lap cheung, te koop bij de toko) kunnen gebruiken of wat stukjes kip. Die kip zou ik dan vooraf wel garen, die zou ik niet rauw erdoor doen want dan duurt het te lang voordat het goed gaar is.
Wat betreft de saus, er hoort okonomiyakisaus over, een soort Japanse barbecuesaus. Die is in Eindhoven niet te koop, tenminste niet in de toko´s waar ik altijd kom. Nu kun je die saus zelf maken maar je kunt ook, zoals ik, tonkatsusaus kopen. Die hebben ze in elke toko en die is gewoon erg lekker. Ook een soort barbecuesaus.
Goed, de okonomiyaki dus. Ik geef hieronder de hoeveelheid per persoon. Afhankelijk van met hoeveel we zijn vermenigvuldig ik dat en ik maak het allemaal in één grote schaal klaar.

Voor 1 persoon gebruik ik dus het volgende:

50 gram glutenvrije bloem (ik gebruik Schär Mehl)
20 gram tapiocazetmeel
ca. 5 gram bakpoeder
110 ml dashi (ik gebruik instant dashi, te koop bij de toko)
1 ei
1/4 spitskool
50 gram taugé
2-3 bosuitjes
ongekookte grote garnalen
paar plakjes bacon

voor de garnering:
mayonaise
tonkatsusaus
bonito flakes (tonijnvlokken)


Verwarm de grillplaat voor op 165°C.
Verwijder de kern van het stuk spitskool en snipper de kool grof. Snijd de bosui in ringetjes en hak de tauge een keer door. Verwijder het darmkanaal (de zwarte draad over de rug) uit de garnalen en snijd de garnalen in stukken.
Houd de plakjes bacon apart en meng de rest van de ingrediënten goed door elkaar.
Doe een heel klein beetje olie op de bakplaat, verspreid dat wat en schep dan het beslag in een grote hoop op de bakplaat en laat het 10 minuten zachtjes bakken. Duw het tijdens het bakken voorzichtig wat aan, ook rondom. Leg de plakjes bacon op de okonomiyaki en keer het geheel vervolgens voorzichtig om. Dit is de tricky part van dit recept. ik doe het met 2 bakspanen. Bak de andere kant ook weer 10 minuten.
Schep wat tonkatsusaus over de okonomiyaki en strijk het met een kwastje uit. Dan nog wat mayonaise en bovenop strooi je nog bonito flakes.

Hieronder nog wat foto´s van de bereiding.











zaterdag 29 maart 2014

Foodblogswap: Makreelremoulade



Deze maand had ik me ook weer aangemeld voor de Foodblogswap en dit keer mocht ik iets koken van de foodblog van Sophie; Eten maken.
Zoals gewoonlijk had ik weer veel moeite met kiezen, er staan zoveel lekkere recepten op deze site. Maar uiteindelijk had ik het gevonden. Ik ging Alfajores maken, koekjes van paarse aardappel. Dus ging ik vol goede moed naar de toko om die aardappels te kopen. En naar de volgende toko en naar weer een andere toko, naar de natuurwinkel, nergens kon ik die dingen krijgen! Volop zoete aardappels te koop, oranje, gelige maar paarse? Nergens dus.
Inmiddels was de maand al bijna om, ik had ook nog een operatie tussendoor gehad, en dus moest ik een alternatief kiezen. Want ik had natuurlijk wel die oranje aardappels kunnen gebruiken maar het ging mij nu net om die paarse variant. Ik ga dat recept zeker nog eens proberen.
Dus weer snuffelen op de site en ineens zag ik het recept van makreelremoulade staan. Geen saus zoals je wellicht zou denken als je remoulade hoort maar een soort smeersel.
Dat trok me dus fluks naar de winkel, spullen gekocht en aan de slag gegaan.
Ik heb het recept van Eten maken helemaal gevolgd, ik heb alleen geen boter gebruikt maar een schep dikke yoghurt. Dit in verband met mijn cholesterolgehalte waar ik toch wel heel erg goed op moet letten anders stijgt ie weer tot recordhoogten..
Op de foto oogt mijn makreelremoulade iets geler, ik zal best een andere soort mosterd hebben gebruikt dan Sophie en er gaat vrij veel mosterd in.
Het resultaat is erg lekker vind ik, zeker voor herhaling vatbaar. Lekker fris, het smaakte verrukkelijk zo op de boterham.

Ik heb het als volgt gemaakt:


sap van een grote halve citroen
250 gram schoongemaakte selderijknol, fijn geraspt
200 gram makreelvlees in kleine stukjes
2 theelepels kappertjes
1 flink eetlepel grove mosterd
1 flinke eetlepel fijne mosterd
6 augurken in kleine stukjes gedaan
1 flinke eetlepel dikke yoghurt
wat zwarte peper


Pers de halve citroen uit en schenk het sap in een mengkom. Rasp dan de selderijknol en meng de selderij onmiddellijk door de citroen om verkleuren te voorkomen.
Voeg de rest van de ingrdiënten toe en meng het geheel en duw het vast aan.
Dek af met een stukje huishoudfolie en laat het in de koelkast lekker een nachtje intrekken.



donderdag 20 maart 2014

Kip met cashewnootjes




Vorige week heb ik voor het eerst sinds lange tijd weer eens kip met cashewnootjes gemaakt. Ik maak dat volgens een recept dat ooit in een oud Lekturama boek heeft gestaan en dat we in de loop van de tijd niet eens zo veel hebben aangepast.
Toen onze kinderen nog klein waren altijd we het regelmatig want het is zacht van smaak, het is niet de bedoeling dat het scherp is of zo, en het is ook nog eens snel klaar. Simpel om te maken, het enige waarbij je moet opletten is dat je de cashewnootjes niet laat verbranden zoals ik vorige week deed. Echt even je aandacht erbij houden loont de moeite. Ik heb ze weg kunnen kiepen en nieuwe moeten kopen.
Normaal gesproken gebruik ik ook champignons in dit gerecht, omdat mijn dochter kwam eten heb ik die dit keer vervangen door winterpeen.
Voor 4 personen heb ik het volgende gebruikt:

500 gram kippendijvlees (je kunt ook filet gebruiken maar kippendijvlees is echt veel lekkerder)
1 steel prei
1 ui
2 teentjes knoflook
300 gram diepvriesdoperwten
1 winterpeen
150 gram ongezouten cashewnootjes
2 dl. kippenbouillon
1 dessertlepel djahé
1 eetlepel fijngehakte selderij
peper
1 mespuntje sambal oelek
scheutje glutenvrije sojasaus
maizena

Verhit wat olie in een pan en bak de cashewnootjes daarin goudbruin. Blijf erbij want ze verbranden snel! Laat uitlekken op een stukje keukenpapier.
Snijd de prei in ringen en was deze goed. Snijd de winterpeen in blokjes. Pel en snipper de ui.
Fruit de ui, de prei, winterpeen en de knoflook totdat alles zacht begint de worden. Voeg de kip toe en bak even mee. Doe nu de peper, djahé, selderij, sambal oelek en sojasaus erbij en roer het even goed door.
Voeg de bouillon en de doperwten toe en laat het op een zacht vuurtje pruttelen totdat de kip gaar is. Bind het geheel met wat aangemaakte maizena en maak op smaak af met peper en/of sojasaus.
Roer op het laatst de cashewnootjes erdoor.




donderdag 13 maart 2014

Kabeljauw uit de oven met topping op Italiaanse wijze



Mijn vriezer puilt weer eens uit. Wat zeg ik, allebei mijn vriezers puilen uit. Regelmatig sla ik mijn slag bij de Sligro en koop daar vlees en vis in grote hoeveelheden die ik dan thuis in porties verdeel en invries. Heerlijk, maar het moet natuurlijk wel opgemaakt worden. Daar moest dus mee begonnen worden vond ik en daarom had ik gisteren al een paar mooie stukken kabeljauw uit de vriezer gehaald om te ontdooien in de koelkast.
Verder had ik nog wat tomaten en een paprika liggen die op moesten omdat ik morgen naar het ziekenhuis moet en T. dan even voor zichzelf en onze zoon moet koken. Dat worden vast snelle mannenhappen zoals zij dat noemen. Steaks, aardappelkroketjes en dan draaien ze heel stoer een potje witte bonen met snijbonen of zoiets open. Ze doen maar, ik vind het best.
Ik heb in ieder geval lekker staan koken vanmiddag. Het was zo klaar en dat kwam me erg goed uit vandaag.
Voor ons drieën heb ik het volgende gebruikt:

bijna 600 gram kabeljauw
1 flinke ui
1 gele paprika
2 teentjes knoflook
olijfolie
2 tomaten
1 klein blikje tomatenpuree (niet super geconcentreerd of zo, gewoon een elcheapo blikje)
oregano
basilicum
peterselie
peper
2-3 eetlepels fijn geraspte Parmezaanse kaas

Verwarm de oven voor op 200° C.
Pel de ui en snijd in halve ringen. Snijd de paprika in de lengte doormidden, verwijder de zaadlijsten en snijd er vervolgens reepjes van. Hak de knoflook fijn. Halveer de tomaten, verwijder de steelaanzet en snijd er plakken van. Snijd de kabeljauw in stukken van een paar centimeter.
Fruit ui en paprika in wat olijfolie totdat ze iets zacht worden. Schep de ui en de paprika vervolgens in een ovenschaal. Bak in dezelfde pan op laag vuur de knoflook en de tomaten. Voeg de tomatenpuree en de kruiden toe en maal er wat peper over. Doe er een kopje water (of witte wijn!) bij en roer het even goed door.
Leg de stukken kabeljauw op de ui en de paprika en schep er vervolgens het tomatenmengsel over.
Bestrooi met de Parmezaanse kaas. Ik heb daar bewust niet veel van gebruikt, het moet zeker niet gaan overheersen.
Zet de schaal in de oven en laat de kabeljauw in 15 tot 20 minuten, dat is een beetje afhankelijk van de dikte van je kabeljauw, gaar worden.
We hebben er spaghetti en sperziebonen bij gegeten. Ik had nog een kletsje pesto staan, dat heb ik door de spaghetti geroerd. Het smaakte uitstekend.