Posts tonen met het label Indonesisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Indonesisch. Alle posts tonen

vrijdag 4 september 2020

Daging rendang


 

Rendang. Ik ben er dol op. Mijn moeder maakte het al en ik heb haar recept maar maakte het niet zo heel vaak omdat het toch wel bewerkelijk is. Het vlees moet uren opstaan, het gerecht moet helemaal inkoken en je blijft roeren. Nu heb ik sinds een paar jaar een slowcooker en daarin gaat het een stuk gemakkelijker. Het staat evengoed uren op maar de kans op aanbranden is eigenlijk minimaal. Dus tegenwoordig maak ik het vaker. Ik gebruik nu wel kokosmelk, mijn moeder gebruikte geraspte kokosnoot die ze zacht bakte en fijn wreef tot een pasta. Als ik dit in een pan maak gebruik ik zeker wel 400-500 ml kokosmelk, in een slowcooker gebruik je veel minder vocht dus 200 ml. Verder doe ik een klein stukje trassi in het gerecht, mijn moeder deed dat niet. 

Voor 3 grote eters (zoonlief at mee) heb ik het volgende gebruikt:

600 gram riblappen

4 sjalotten of 1 grote ui

5 tenen knoflook

1 stuk gemberwortel van 3 cm (of 1-2 theelepels djahé)

1 stuk koenjit van 2 cm (of 1/2-1 theelepel koenjitpoeder)

1 stuk laos van 2 cm (of 1-2 theelepels gemalen laospoeder)

3 theelepels ketoembar

2 theelepel djinten

rode lomboks of sambal oelek naar smaak 

1/2 theelepel kruidnagelpoeder

1 stengel sereh

4 djeroek poeroet blaadjes

2 salamblaadjes

4 kemirienoten

1-2 theelepels trassi

een paar cm van een blok santen

200 ml kokosmelk


Snijd de uien, knoflook en pepers zeer fijn en de gemberwortel, koenjit en laos in grove stukken. Breek de santen in stukken. Snijd het vlees in flinke dobbelstenen. Rasp de kemirienoten. Kneus de sereh en leg er een knoop in. 

Doe alles in de slowcooker, roer het even door elkaar en laat het 8 uur op laag of 4 uur op hoog met het deksel op de pot stoven. Roer het na een uur of 2 even door. Het gerecht wordt vrij dik maar zo nodig kan je een heel klein beetje water toevoegen. Haal de blaadjes, stukken gember, koenjit en laos en de stengel sereh uit de rendang. (Of waarschuw de eters dat die er nog in zitten..) Proef het gerecht en maak eventueel op smaak af met wat ketjap. 




zaterdag 1 april 2017

Ikan boemboe bali (Indische vis)




Van de week dacht ik ineens aan nog een Indisch recept dat ik van mijn moeder heb geleerd namelijk dat van Indische vis zoals wij dat thuis noemden, De officiële naam is ikan boemboe bali geloof ik maar bij ons heette dat dus Indische vis. Dat recept, en dan vooral het sausje, was al iets moeilijker te maken dan het recept van lapies ajam maar ook nog heel goed te doen voor mij als tienjarige. Alleen de vis bakken kostte me altijd wel moeite, dat moest mijn moeder doen want bij mij braken de stukken vis altijd doormidden of bleven ze aan de pan plakken. Maar goed, inmiddels is dat geen probleem meer natuurlijk. 's Avonds dus maar gauw vis uit de vriezer gehaald en in de koelkast gelegd en woensdag heb ik het klaargemaakt. Ik kies meestal voor schelvis of kabeljauw, het originele recept gaat volgens mij uit van makrelen maar ik heb liever vis waar iets minder graten inzitten, Maar dat is het fijne van dingen zelf maken, je kunt dan alles naar je eigen smaak aanpassen. Hetzelfde geldt voor de hoeveelheid lomboks die je gebruikt. T. kan niet meer zo goed tegen scherp eten en dus beperk ik me tegenwoordig tot een klein beetje sambal oelek. Mijn moeder deed er altijd een stuk of vier á vijf lombok rawit in, van die kleine gedroogde pepertjes, die waren flink heet. Maar wat minder scherp is ook erg lekker.

Zoon- en dochterlief aten mee woensdag en voor ons vieren heb ik het volgende gebruikt:

4 stukken vis
2 eetlepels tamarinde
peper naar smaak
eventueel gv bloem om de vis wat op te bloemen, mijn moeder deed dat altijd, ik soms

sausje:
4 sjalotjes (of 1 middelgrote ui)
3 teentjes knoflook
2 cm gemberwortel
1-2 theelepels trassi
sambal oelek of fijngesneden lomboks naar smaak
2 eetlepels gv ketjap
klein stukje goela djawa ( je kan ook 2 theelpels bruine suiker gebruiken)
2 eetlepels (rijst)azijn
scheutje water

Smeer de stukken vis in met tamarinde en maal er peper over. Laat even intrekken. Als je de vis wilt bestrooien met gv bloem dan moet je dit vlak voor het bakken doen.
Pel en snipper de sjalotjes of de ui fijn. Schil de gemberwortel en hak fijn. Verwarm wat olie in een sauspan en fruit de sjalotjes hierin samen met de gemberwortel. Voeg zodra de uitjes glazig worden de trassi, sambal of lombok en de knoflook toe. Laat dit even meebakken en doe er vervolgens de ketjap en de rijstazijn bij. Even doorroeren en dan een scheutje water erbij. Los de goela djawa of de suiker in het sausje op, Proef en maak op smaak af. Bak de stukken vis in wat boter of olie rondom bruin en laat ze vervolgens in het sausje verder garen. Als je dat gemakkelijker vindt dan an je natuurlijk ook de vis gaar bakken en vervolgens serveren en de saus er apart bij geven.







zaterdag 25 maart 2017

Jeugdsentiment VI: Lapies ajam




Vanavond eten we lapies ajam. Kip in ei en ketjap, dat is het wel zo'n beetje. Het was een van de eerste Indische gerechten die mijn moeder me leerde maken. Het is namelijk echt heel simpel om te maken maar wel erg lekker en ik was natuurlijk apetrots dat ik echt Indisch gekookt had.
Vandaag heb ik zg. kipkarbonaden gebruikt, dat zijn de bovenste gedeelten van de poten van de kip. Die had ik nog in de vriezer en die moet leeg, vandaar. Normaal gesproken gebruik ik kippendijvlees maar mijn moeder gebruikte meestal gewoon kipfilet. Verder gebruik ik een ei meer dan mijn moeder. Hier thuis zijn we allemaal dol op de stukjes ei in de saus en daarom maak ik er gewoon wat meer.

Goed, T. en ik eten vandaag samen en voor ons tweeën heb ik het volgende gebruikt:

4 kipkarbonaden (of kippendijvlees in blokjes gesneden)
1 flinke ui
1 teentje knoflook
1-2 eetlepels gv ketjap
2 eieren

Doe de ketjap in een schaal. Bestrooi de kipstukken met peper en wentel ze door de ketjap. Pel en snipper de ui. Kluts de eitjes in een kommetje en giet het vervolgens over de kip.
Fruit de ui in wat olie of boter en voeg na een paar minuten de knoflook toe. Voeg nu de kip toe met het ei en de ketjap. Bak op een laag vuurtje. Telkens goed roeren want het ei gaat stollen. Doe er vervolgens ongeveer 250 ml heet water bij, roer het nog een keer goed door en laat de kip door en door gaar worden. Proef de saus en maak eventueel op smaak af met peper of ketjap.

Wij eten er vandaag broccoli en gekookte rijst bij.

dinsdag 24 september 2013

Ikan pepesan



Ik zit midden in een keukenverbouwing. Ruim 2 jaar geleden is er een nieuwe keuken geplaatst bij ons maar het moet nog steeds afgewerkt worden met een verlaagd plafond, compleet met inbouwspotjes. Ook moeten er nog lampjes onder de kasten komen.
Nu gebeurt het dan eindelijk. De lampen zijn gekocht, de plafondplaten en al het andere materiaal ook dus er was geen reden meer om het nog langer uit te stellen. De kinderen hadden even geen klussen meer en ook vanuit de vriendenkring lagen er geen verzoeken meer voor T. om te komen helpen en dus is hij vorige week begonnen.
Dat houdt wel in dat uitgebreid koken even niet gaat en ik nu dus snelle maaltijden in elkaar flans. Geen dingen om op mijn weblog te zetten maar dan kan ik nu wel het recept hier plaatsen van de ikan pepesan die we vorige week gegeten hebben.
Ik heb het met gerookte makreel gemaakt maar je kunt elke vis gebruiken die je lekker vindt.
Ikan pepesan is vrij scherp. T. kan daar helemaal niet tegen. Ik heb daarom 2/3 van de saus op mijn vis geschept en de rest vermengd met tomatenketchup voor op T. zijn vis. Zo was het voor hem net goed te doen en had ik toch lekker scherpe vis.
Goed, voor ons samen heb ik het volgende gebruikt:

2 makrelen

2 dessertlepels sambal oelek
1 flinke sjalot
1 teentje knoflook
1 theelepel laos
1 theelepel sereh
1 theelepel goela djawa of bruine suiker
3 gemalen of geraspte kemirienoten
1 theelepel keukentamarinde

evt. tomatenketchup om het wat minder scherp te maken

2 bosuitjes

Verwarm de oven voor op 200 °C.
Snijd de sjalot superfijn. Fruit de stukjes sjalot samen met de knoflook zachtjes in wat olie. Roer nu de overige ingrediënten erdoor, behalve (de tomatenketchup en) de bosuitjes, en laat het even zachtjes doorbakken. Draai het vuur uit en zet even apart. Snijd de bosuitjes in smalle ringetjes.
Maak de makrelen schoon. Pak 2 stukken aluminiumfolie en leg op elk stuk 1 makreel, ik had elke makreel in twee stukken verdeeld. Verdeel de saus over de makrelen en strooi er flink wat gesneden bosui bovenop.
Vouw de pakketjes goed dicht en leg ze op een bakplaat. Schuif de bakplaat in de oven en laat de pakketjes in ongeveer 15-20 minuten tijd flink heet worden.

Wij hebben er rijst en sambal boontjes bij gegeten.






dinsdag 27 augustus 2013

Glutenvrije pindasaus

Zoals daarstraks beloofd plaats ik nu mijn recept voor pindasaus. Mijn moeder maakte het al volgens dit recept en zo vind ik het nog steeds het lekkerst. Er zijn allerlei variaties mogelijk, met en zonder kokosmelk, meer of minder sambal of lombok rawits enz. enz. Gewoon een kwestie van uitproberen.

4 eetlepels pindakaas
1 klein uitje
1-2 teentjes knoflook
1 1/2 eetlepels azijn (ik gebruik altijd witte rijstazijn)
1 1/2 eetlepels ketjap
1 theelepel ketoembar
1 theelepel djinten
1/2 theelepel laos
1 klein stukje goela djawa of wat bruine suiker
fijngesneden lombok rawit of sambal oelek naar smaak


Snipper het uitje heel fijn en fruit het in wat olie samen met de knoflook. Dan de pindakaas erbij. Draai het vuur uit. Alle overige ingrediënten erin roeren. Draai de pit weer aan. Telkens wat water erbij doen tot de gewenste dikte bereikt is.

dinsdag 23 juli 2013

Foodblogswap: Tjendol





Het is weer eind van de maand en dat betekent ook weer een nieuwe foodblogswap. Deze keer kreeg ik de foodblog van Nick toebedeeld. Nick is nog niet zo lang bezig met zijn foodblog, ik geloof dat hij ergens in maart 2013 begonnen is en er staan nog niet zoveel recepten op zijn site.
Kiezen zou dus niet moeilijk moeten zijn maar dat viel tegen. Omdat ik er zelf niet uitkwam besloot ik om, net als vorige maand toen ik van de site van Levine iets mocht maken, de keus aan manlief over te laten onder het mom van inspraak. En net als vorige maand was hij weer een tijdje zoet met het bestuderen van de recepten. Dit keer koos hij alweer iets wat ik helemaal niet verwacht had. (Had ik hem nu maar niet verteld dat de bedoeling was dat ik iets ga klaarmaken dat buiten mijn comfortzone valt...)
Tjendol moest het worden. Of cendol als je dat liever hebt. Een Indonesisch drankje van kokosmelk, eventueel op (geschaafd) ijs, met groene glibbers erin en gezoet met siroop van goela djawa (oke, gula jawa).
Ik ben niet eens begonnen over de pindarotsjes en de chili hot dogs die ook op de blog van Nick staan. (Vanwege die comfortzone, niet vergeten...) Hij wil tjendol, hij krijgt tjendol. Het leek me erg leuk om te maken, al hou ik zelf niet zo van zoete drankjes. Maar het is hartstikke warm momenteel en dan gaat zo´n koel drankje er vast wel in.
Dus op naar de toko want er moesten wat dingen aangeschaft worden die ik niet in huis had.
Hunkweemeel bijvoorbeeld. Dat is meel van mungbonen. Dat zegt veel mensen nog weinig maar als ik vertel dat taugé gekiemd wordt uit mungbonen dan weten jullie allemaal wat ik bedoel. Pandanpasta en pandanblad moesten er ook komen want ook dat had ik niet in huis. Een tjendolzeef had ik ook niet, ik had bedacht om mijn schuimspaan of zo te gebruiken maar er lag een zeef voor € 3,50 en achteraf was ik heel blij dat ik die heb meegenomen. Ik vermoed dat het met de schuimspaan faliekant mislukt zou zijn.
Voor het recept verwijs ik jullie naar het originele recept van Nick. Dat heb ik precies gevolgd alleen heb ik slechts de helft van de ingrediënten gebruikt, 3 glazen leek me wel genoeg. En ik heb veel minder suikerstroop gemaakt. Voor 3 glazen heb ik in totaal 1 schijf goela djawa gebruikt.
Het maken zelf was zo gebeurd. Je hebt best wel wat kracht nodig om het deeg door de zeef te roeren en je moet een beetje vlot werken zodat het niet teveel in de zeef afkoelt. Het langste duurde het afkoelen van de suikersiroop.
Ook het roeren in de pan gaat op een gegeven moment best zwaar, tenminste voor mij met mijn kippenkracht wel.


Ik had ijsblokjes in het water gedaan. Tegen de tijd dat ik klaar was waren ze allemaal gesmolten.




Van de rest van het meel ga ik iets anders maken, kwee lapis of iets dergelijks. Dat komt dan vanzelf ook hier te staan.

Het resultaat was overigens erg lekker en zeker voor herhaling vatbaar. Ik had niet de indruk dat manlief het niet zoet genoeg vond. Hij heeft zojuist anderhalf glas naar binnen geslobberd...




donderdag 12 maart 2009

Babi pangang





Vandaag heb ik babi pangang gemaakt. Voor twee dagen want ik moet morgen voor een operatie een dagje naar het ziekenhuis en dan hoeft T. zich daar niet druk om te maken. Ik heb een heel oud kookschrift dat ik ben begonnen toen ik 8 jaar was. Ik heb inmiddels veel meer kookschriften maar in dat eerste staat het babi pangang recept zoals mijn moeder het me geleerd heeft. In de loop van de jaren heb ik het recept van mijn moeder iets veranderd trouwens. Maar goed, nu het recept.

Voor 4 personen heb je het volgende nodig:

1 pond varkensvlees (ik neem meestal schouderkarbonade en daar snijd ik het bot vanaf maar ander bij voorkeur vlees met wat vet kan ook natuurlijk)

Marinade:
3 eetlepels ketjap manis
3 teentjes knoflook
verse fijngehakte gemberwortel (2-3 cm) of 1 flinke eetlepel gembersiroop
3 eetlepels rijstwijn of evt. sherry
3 eetlepels olie
sap van een halve citroen
fijngesneden rode pepers of sambal oelek naar smaak

Saus:
200 ml tomatenketchup (ik koop hiervoor altijd el cheapo tomatenketchup, Heinz hoeft echt niet)
1 flinke scheut zoetzure chilisaus (kun je evt. weglaten)
sambal oelek naar smaak
1 grote of 2 kleine teentjes knoflook
4 eetlepels (witte rijst)azijn
4-5 eetlepels gembersiroop
2 eetlepels ketjap manis
peper naar smaak
een paar eetlepels atjar tjampoer

aardappelzetmeel om te binden (maizena kan ook)

 Zet het vlees een paar uur van tevoren in de marinade. Roer in een schaal alle ingrediënten voor de saus door elkaar.
Haal het vlees uit de marinade en dep het droog. Ik bak de lappen vlees in zijn geheel één voor één in een meer dan ruime hoeveelheid olie. In de zomer leg ik de lapjes op de barbecue en dan bestrijk ik het telkens met de marinade. Als het vlees gebakken is dan even laten uitlekken en dan in reepjes snijden. Je kunt het ook gewoon rauw in reepjes snijden en dan in een pan bakken maar dan wordt het niet zo knapperig.
Giet de saus in een pan, doe er de atjar tjampoer bij en voeg dan ongeveer 3 dl water toe. Proef de saus. Koken is proeven! Is het te zuur naar je zin dan doe je er wat water bij, is het niet zoet genoeg dan doe je er wat gembersiroop of een schepje bruine basterdsuiker bij. Laat de saus goed warm worden, bind eventueel met wat aangemaakte maizena of aardappelzetmeel.
Leg de vleesreepjes op een schaal en giet er de saus over. Ik vind het lekkerder om de atjar al in de saus te doen maar je zou ook atjar op de schaal, vlees erop en saus erover kunnen doen. Vaak doe ik ook vlak voor het opdienen het vlees in de saus zoals op de foto te zien is. Wij eten het altijd met witte rijst.



woensdag 25 februari 2009

Gado gado met kipsaté en pindasaus





Vanmorgen had ik totaal geen inspiratie voor het eten van vanavond. Ik heb diverse kookboeken doorgebladerd maar het had weinig zin. Een paar gerechten trokken me wel maar die waren op de een of andere manier allemaal met rundvlees dat uren moet pruttelen en die uren die had ik vandaag niet. Mijn lief ging naar zijn moeder en ik moest naar het ziekenhuis en we hadden afgesproken dat hij me daar zou afzetten en me na het bezoek aan zijn moeder weer zou oppikken in het winkelcentrum naast het ziekenhuis.
Precies toen we wilden vertrekken kwam onze Oudste binnen en die was meteen te porren om mee te gaan. Met mij wel te verstaan want naar zijn oma dat trok hem niet zo, die had hij afgelopen zaterdag nog gezien. Alles verliep soepel en we stonden in een mum van tijd in het winkelcentrum met nog een ruim uur voor de boeg.
Lekker gewinkeld samen, de laatste keer was lang geleden. Ik hoefde niet veel te hebben, uitsluitend van die saaie dingen als vaatdoeken bij de Wibra, tandenstokers bij de Hema en vooruit dan maar, een donut voor meneer van Bakker Bart. Toen naar AH XL waar ik besloten heb om voor vanavond gado gado te maken.
En dan maak ik die niet met tahoe, daar hoef ik bij mijn mannen niet mee aan te komen. Dus maar een stukje biologische kipfilet meegenomen om saté te maken voor erbij.

Wat heb je voor 4 personen nodig ?

1 kleine spitskool
300 gram kouseband of sperziebonen of haricots verts
250 gram taugé
1/2 komkommer
4 eieren
kroepoek

Snijd de spitskool in grove stukken. Maak de kouseband (of andere bonen) schoon en snijd ze in stukken. Vandaag had ik haricots verts en die heb ik heel gelaten maar dat was wat lastig eten. Stoom of kook ze beetgaar. Kook de eieren hard, laat ze schrikken onder koud stromend water en pel ze. Kook de spitskool gaar maar het is wel lekker als de kool iets knapperig blijft vind ik. Boen de komkommer en snijd in dunne plakken van een centimeter of vijf. Ik had vandaag de komkommer geschild omdat de heren dat liever hebben. Doe de taugé in een zeef en giet er kokend water overheen.

Kipsaté:
4 ons kipfilet (reken ca. 50 gram vlees per stokje)
marinade:
2 eetlepels zonnebloemolie
1 theelepel ketoembar
1/2 theelepel djinten
2 eetlepels ketjap
sambal oelek naar smaak
peper
1 eetlepel citroensap

Roer alle ingrediënten voor de marinade goed door elkaar. Leg het vlees erin en laat een uurtje intrekken. Leg 8 bamboe satéstokjes een half uurtje in wat water zodat ze niet verbranden tijdens het roosteren/grillen. Rijg het vlees aan de stokjes en rooster of gril ze in een paar minuten aan weerskanten mooi bruin en gaar.

Pindasaus:
3-4 eetlepels pindakaas
1 kleine ui
knoflook naar smaak
1 1/2 eetlepels (witte rijst)azijn
1 1/2 eetlepels ketjap
1 theelepel ketoembar
1 theelepel djinten
sambal oelek naar smaak 

Snipper het uitje heel fijn en fruit het in wat olie samen met de knoflook. Dan de pindakaas erbij. Vuur uit. Alle kruiden erin roeren. Vuur aan. Telkens wat water erbij doen tot de gewenste dikte bereikt is. 

Pak een schaal, doe onderin de kool, daarop de bonen en dan de taugé. Zoals jullie op de foto kunnen zien heb ik het vandaag per ongeluk andersom gedaan. Het smaakt er niet minder om maar het oogt niet zo leuk. (Dat krijg je van al dat geklets.) Leg de partjes ei en de reepjes komkommer er rondom langs.
Leg de saté erop en giet er wat pindasaus over. Strooi links en rechts nog wat kroepoek erover en klaar is je gado gado!
Zoals ik straks al aangaf hoort het eigenlijk met tahoe gegeten te worden. In principe gaat het allemaal hetzelfde alleen in plaats van de kipsate leg je er blokjes gebakken tahoe op.

zondag 22 februari 2009

Indonesische omelet





Als ik eens niet zo veel tijd heb om te koken dan maak ik graag een Indonesische omelet. Ik heb dit ooit van mijn moeder geleerd en weet eigenlijk de officiele naam niet. Natuurlijk ben ik er wel naar op zoek geweest en ik ben uiteindelijk op twee mogelijke namen gestuit: kaber kabertoe of dadar isi. Maar welke van de twee het nu is dat durf ik niet te zeggen. Misschien weet een van de lezers het ?
Maar goed, what's in a name ? Het is lekker en daar gaat het uiteindelijk om toch ?
Voor 3-4 personen:

6 eieren
zout en peper
ketjap
250-300 gram rundergehakt
1 ui
2 teentjes knoflook
5 kemirienoten
1 1/2 theelepel ketoembar
1 theelepel djinten
1 theelepel sereh
1 theelepel koenjit
1/2-1 theelepel trassie
sambal oelek naar smaak
1 dessertlepel keukentamarinde


Klop de eieren los met zout, peper en een klein scheutje ketjap.
Pel en snipper de ui fijn.
Bak het gehakt rul door het met een vork te prakken in een hete pan.
Voeg de ui en de uitgeperste knoflook toe en laat een paar minuten zachtjes bakken.
Rasp de kemirienoten boven de pan en voeg de ketoembar, djinten, sereh, koenjit, trassie, sambal oelek en keukentamarinde toe. Roer het goed door elkaar en laat op een laag pitje staan.
Doe een flinke klont boter in een koekenpan en bak een omelet van de eieren. Zodra de bovenkant bijna gestold is het gehakt op een helft van de omelet leggen en dichtklappen.





zaterdag 17 januari 2009

Atjar tjampoer/Acar campur

Vandaag had ik niet veel tijd om te koken en daarom hebben we nasi goreng gegeten. Dat is snel klaar en toch altijd erg lekker. Daar eten we natuurlijk altijd nog wel wat bij. Dit keer waren dat de zelfgemaakte gevulde bladerdeegflapjes met krab en garnalen van ML. Toen wij met oudjaar daar waren had ze heel veel bijzonder smakelijke happen klaargemaakt. Voor T. had ze alles glutenvrij gemaakt, echt geweldig vind ik dat altijd. Maar die flapjes waren er best wel veel geworden dus wat over was kreeg hij mee naar huis. Aangezien ik na die avond het idee had dat we de hele week niet meer hoefden te eten en de weegschaal dat ook bevestigde heb ik die flaphapjes maar meteen in de vriezer gestopt. En dat was vandaag reuze handig want ze waren heerlijk als bijgerecht bij de nasi goreng. Toch eens proberen of ik het recept van haar kan loskrijgen.



Wat we ook altijd bij de nasi eten is atjar tjampoer. Of eigenlijk moet ik acar campur schrijven volgens de moderne Indonesische spelling. Het is al ik weet niet hoe lang zo dat tj een c geworden is, de oe een u en de j een y maar ik hou me meestal toch aan de ouderwetse spelling. Uiteindelijk hanteert Conimex die toch ook nog nietwaar? 
De atjar die wij eten komt echter niet van Conimex maar die maak ik altijd zelf. Dat is eigenlijk heel gemakkelijk en op zich niet heel veel werk. Het is voornamelijk het snijwerk van de groenten dat veel tijd vraagt.

In principe ga ik uit van een kilo schoongemaakte groenten waarbij ik altijd witte kool of spitskool gebruik en dan tenminste 3 van de volgende soorten: snij- of sperciebonen, wortel, paprika, bloemkool, taugé, komkommer.
De laatste keer heb ik 400 gram witte kool gebruikt, 300 gram taugé, 200 gram winterwortel, 1 rode paprika en 1 komkommer.
en verder nog:
2 fijngesneden uien
knoflook naar smaak
sambal oelek naar smaak
1 afgestreken dessertlepel laos
1 afgestreken dessertlepel djahé
1-2 afgestreken dessertlepels koenjit
4-5 geraspte kemirienoten
2 dessertlepels gele mosterd
3 eetlepels suiker
azijn (in totaal heb ik er 1,2 liter vocht bij gedaan en dat was half azijn half water)

Maak de groenten schoon en snijd ze klein.
Houd groente die korter moet koken zoals bijv. bloemkool, komkommer en taugé apart van de groente die langer moet zoals bijv. de kool en de boontjes.
Fruit de ui en de uitgeperste knoflook in wat olie. Voeg dan de sambal oelek, laos, djahé, koenjit en de kemirienoten toe. Even mee laten bakken. Dan het vuur uit en even apart houden.
Kook de groente niet al te gaar in half azijn, half water. Ze moeten goed onderstaan. Voeg de kortkokende groente iets later toe want het is het lekkerst als alle groente iets knapperig zijn.
Proef even of het zuur genoeg is (evt. wat water of azijn erbij doen) en daarna of het zoet-zuur genoeg is (evt. iets suiker toevoegen).
Nu de mosterd toevoegen en het gebakken ui/kruidenmengsel. Roer het goed door en laten nog even kort koken.
In schone potten scheppen en laten afkoelen.
Voor gebruik 1-2 dagen laten intrekken.

zaterdag 10 januari 2009

Ajam opor




Vroeger thuis kookte mijn moeder al veel Indische gerechten. We hebben vaak samen uitgebreide rijsttafels klaargemaakt. Heel gezellig om te doen en erg lekker om het op te eten. Mijn moeder is al jaren geleden overleden maar Indisch koken doe ik nog steeds op haar manier. Een van mijn favoriete gerechten is Ajam Opor.
Dit gerecht van gekruide kip smaakt nog lekkerder als het een paar uur of zelfs de dag voor het gegeten gaat worden wordt klaargemaakt. Let er wel op dat bij een gerecht dat met santen wordt klaargemaakt het deksel alleen op de pan mag als het volledig is afgekoeld.

1 flinke kip of losse kipdelen
1 ui
2-3 teentjes knoflook
1 theelepels ketoembar
2 theelepels laos
1 stengel sereh
1-2 theelepeltjes trassi
4-5 kemirienoten
2 salamblaadjes
4 djeroek poeroet blaadjes
1/3 blok santen
1 kippenbouillonblokje
2 theelepels keukentamarinde (asem)
klein stukje goela djawa

Pel en snipper de ui.
Hak de kip in stukken en bak ze in wat hete olie aan alle kanten mooi bruin.
Haal ze uit de pan en fruit in de olie ui en knoflook totdat de ui zacht is.
Voeg de ketoembar, laos, sereh, trassi, gemalen kemirienoten, salamblaadjes, djeroek poeroetblaadjes en goela djawa toe en laat het even zachtjes meebakken.
Doe er nu 2 kopjes water, de keukentamarinde, bouillonblokje en de santen bij.
Leg de stukken kip in de saus en laat het gerecht zonder deksel op laag vuur zachtjes pruttelen totdat de kip gaar is.
Wij eten dit vaak als hoofdgerecht, gewoon met gekookte witte rijst erbij en een simpel groentegerecht. Als je het als onderdeel van een grote(re) rijsttafel wilt klaarmaken dan kun je beter de hoeveelheden aanpassen aan de hoeveelheid eters en gerechten.